Home

Woningwet

Geldig van 1 mei 2022 tot 1 januari 2024
Geldig van 1 mei 2022 tot 1 januari 2024

Woningwet

Opschrift

[Tekst geldig vanaf 01-05-2022 tot 01-01-2024]

Aanhef

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is mede uit het oogpunt van vereenvoudiging en vermindering van regelgeving, alsmede uit het oogpunt van decentralisatie nieuwe voorschriften te geven omtrent het bouwen en de volkshuisvesting;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Hoofdstuk I. Algemene bepalingen

Artikel 1

1.

Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt verstaan onder:

  • autoriteit: Autoriteit woningcorporaties, bedoeld in artikel 60, eerste lid;

  • bestemmingsplan: bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening, alsmede inpassingsplan als bedoeld in artikel 3.26 of 3.28 van die wet of beheersverordening als bedoeld in artikel 3.38 van die wet;

  • bevoegd gezag: bestuursorgaan, bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, dan wel, bij het ontbreken van een bestuursorgaan als bedoeld in dat artikellid, college van burgemeester en wethouders;

  • bewoner: huurder en degene die met instemming van de huurder zijn hoofdverblijf in de woongelegenheid heeft;

  • bewonerscommissie: bewonerscommissie als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel g, van de Wet op het overleg huurders verhuurder;

  • borgingsvoorziening: door de Staat der Nederlanden gefaciliteerde voorziening, in het leven geroepen met het oog op het door toegelaten instellingen kunnen aantrekken van leningen;

  • bouwen: plaatsen, geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen, veranderen of vergroten;

  • compensatie:

    1. door toegelaten instellingen kunnen aantrekken van leningen met gebruikmaking van de borgingsvoorziening, of van borgstelling daarvan door overheden;

    2. subsidie als bedoeld in artikel 57, eerste lid, en

    3. verlaging van grondprijzen door gemeenten ten behoeve van de uitvoering door toegelaten instellingen of samenwerkingsvennootschappen van diensten van algemeen economisch belang;

  • diensten van algemeen economisch belang: diensten van algemeen economisch belang als bedoeld in:

    1. artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en

    2. het besluit van de Europese Commissie van 20 december 2011 (PbEU 2012, L 7) betreffende de toepassing van dat lid op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen;

  • gebied van de volkshuisvesting: gebied van de volkshuisvesting, bedoeld in het bepaalde bij en krachtens artikel 45;

  • gebouw: bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke overdekte geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt;

  • huishoudinkomen: gezamenlijke verzamelinkomens als bedoeld in artikel 2.18 van de Wet inkomstenbelasting 2001 van de bewoners van een woongelegenheid, met uitzondering van kinderen in de zin van artikel 4 van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen, met dien verstande dat in het eerste lid van dat artikel voor «belanghebbende» telkens wordt gelezen «huurder»;

  • huurdersorganisatie: huurdersorganisatie als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op het overleg huurders verhuurder;

  • huurprijs: prijs die bij huur en verhuur is verschuldigd voor het enkele gebruik van een woongelegenheid, uitgedrukt in een bedrag per maand;

  • inkomensgrens: bij algemene maatregel van bestuur voor de toepassing van artikel 48, eerste lid, te bepalen bedrag dat verschillend kan worden vastgesteld naar gelang de omvang van het huishouden;

  • inspecteur: als zodanig bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaar;

  • juridische scheiding: organisatievorm van een toegelaten instelling, waarin zij uitsluitend werkzaamheden verricht die behoren tot de diensten van algemeen economisch belang, en daarnaast uitsluitend een of meer woningvennootschappen in stand houdt;

  • kwaliteitsverklaring: schriftelijk bewijs, voorzien van een merkteken, aangewezen door Onze Minister, afgegeven door een deskundig, onafhankelijk instituut, aangewezen door Onze Minister, op grond waarvan een bouwmateriaal, bouwdeel of samenstel van bouwmaterialen of bouwdelen dan wel een bouwwijze, indien dat bouwmateriaal, bouwdeel of samenstel van bouwmaterialen of bouwdelen dan wel die bouwwijze bij het bouwen van een bouwwerk wordt toegepast, wordt geacht te voldoen aan krachtens deze wet aan dat bouwmateriaal, bouwdeel of samenstel van bouwmaterialen of bouwdelen dan wel die bouwwijze gestelde eisen;

  • norm: document, uitgegeven door een deskundig, onafhankelijk instituut, waarin wordt omschreven aan welke eisen een bouwmateriaal, bouwdeel of bouwconstructie moet voldoen dan wel waarin een omschrijving wordt gegeven van een keurings-, meet- of berekeningsmethode;

  • omgevingsvergunning: omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;

  • Onze Minister: Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

  • overdragen van de economische eigendom: overdragen van de economische eigendom als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Wet op belastingen van rechtsverkeer;

  • overhead: indirecte werkzaamheden of voorbereidings- en begeleidingskosten die onvermijdelijk zijn voor het verlenen van diensten aan bewoners van woongelegenheden;

  • raad van commissarissen: raad van commissarissen als bedoeld in artikel 30;

  • slopen: afbreken van een bouwwerk of van een gedeelte daarvan;

  • stadsbouwmeester: door de gemeenteraad benoemde onafhankelijke deskundige die aan het college van burgemeester en wethouders advies uitbrengt ten aanzien van de vraag of het uiterlijk of de plaatsing van een bouwwerk, waarvoor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen van dat bouwwerk is ingediend, in strijd is met redelijke eisen van welstand;

  • stedelijke vernieuwing: op stedelijk gebied gerichte inspanningen die strekken tot verbetering van de leefbaarheid en veiligheid, bevordering van een duurzame ontwikkeling en verbetering van de woon- en milieukwaliteit, versterking van het economisch draagvlak, versterking van culturele kwaliteiten, bevordering van de sociale samenhang, verbetering van de bereikbaarheid, verhoging van de kwaliteit van de openbare ruimte of anderszins tot structurele kwaliteitsverhoging van dat stedelijk gebied;

  • toegelaten instelling: toegelaten instelling als bedoeld in artikel 19;

  • voorziening: bouwkundige of bouwtechnische maatregel aan een gebouw of op de daarbij behorende grond die strekt tot:

    1. 1°.

      verbetering van de indeling, het woongerief, het gebruiksgemak of de energetische prestatie van het gebouw, waaronder begrepen de daarbij noodzakelijke opheffing van technische gebreken, of tot bouwkundige splitsing of samenvoeging; of

    2. 2°.

      het opwekken van hernieuwbare energie;

  • welstandscommissie: door de gemeenteraad benoemde onafhankelijke commissie die aan het college van burgemeester en wethouders advies uitbrengt ten aanzien van de vraag of het uiterlijk of de plaatsing van een bouwwerk, waarvoor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen van dat bouwwerk is ingediend, in strijd is met redelijke eisen van welstand;

  • wooncoöperatie: wooncoöperatie als bedoeld in artikel 18a;

  • woongelegenheid:

    1. woning met de daarbij behorende grond of het daarbij behorende deel van de grond;

    2. woonwagen, zijnde een voor bewoning bestemd gebouw dat is geplaatst op een standplaats en dat in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst, en

    3. standplaats, zijnde een kavel die is bestemd voor het plaatsen van een woonwagen, waarop voorzieningen aanwezig zijn die op het leidingnet van de openbare nutsbedrijven, van andere instellingen of van gemeenten kunnen worden aangesloten.

  • woonvisie: woonvisie, bedoeld in artikel 42, eerste lid.

2.

Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt voorts verstaan onder:

  • dochtermaatschappij: dochtermaatschappij als bedoeld in artikel 24a van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek van een toegelaten instelling;

  • verbonden onderneming: rechtspersoon, niet zijnde een vereniging van eigenaars als bedoeld in afdeling 2 van titel 9 van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek, of vennootschap:

    1. welke een dochtermaatschappij is;

    2. in welke een toegelaten instelling deelneemt in de zin van artikel 24c van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, of

    3. met welke een toegelaten instelling anderszins een duurzame band heeft, waaronder mede wordt begrepen het hebben van stemrechten in de algemene vergadering van die rechtspersoon;

  • woningvennootschap: met een toegelaten instelling verbonden onderneming, na bewerkstelliging van een juridische scheiding overeenkomstig hoofdstuk IV, afdeling 3, paragraaf 5;

  • samenwerkingsvennootschap: met een toegelaten instelling verbonden vennootschap onder firma of commanditaire vennootschap, door een toegelaten instelling overeenkomstig bij algemene maatregel van bestuur daaromtrent gegeven voorschriften aangegaan met een of meer andere toegelaten instellingen die alle in dezelfde gemeenten als die toegelaten instelling feitelijk werkzaam zijn, behoudens het bepaalde bij en krachtens artikel 21, vijfde lid.

3.

Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt mede verstaan onder:

4.

Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde wordt, waar daarin in enigerlei bewoordingen sprake is van woongelegenheden, woningen, gebouwen of aanhorigheden die in eigendom zijn van toegelaten instellingen of met hen verbonden ondernemingen, onder die eigendom mede begrepen elke andere bevoegdheid tot het met betrekking tot woongelegenheden, woningen, gebouwen of aanhorigheden verrichten van de handelingen die volgens het burgerlijk recht tot de verantwoordelijkheid van een eigenaar behoren.

5.

Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde zijn, waar daarin sprake is van het vereiste van of voorschriften omtrent financiële continuïteit van een toegelaten instelling, dat vereiste en die voorschriften tevens van toepassing op de afzonderlijke onderdelen van een toegelaten instelling, aan welke baten, lasten, activa en passiva beschikbaar zijn gesteld voor de uitvoering van de diensten van algemeen economisch belang welke aan haar zijn opgedragen, respectievelijk van haar overige werkzaamheden.

6.

Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde vallen het boekjaar en het verslagjaar in de zin van deze wet samen met het kalenderjaar.

7.

Voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde is een schip dat wordt gebruikt voor verblijf en dat is bestemd en wordt gebruikt voor de vaart geen bouwwerk.

Artikel 1a

1.

De eigenaar van een bouwwerk, open erf of terrein of degene die uit anderen hoofde bevoegd is tot het daaraan treffen van voorzieningen draagt er zorg voor dat als gevolg van de staat van dat bouwwerk, open erf of terrein geen gevaar voor de gezondheid of veiligheid ontstaat dan wel voortduurt.

2.

Een ieder die een bouwwerk bouwt, gebruikt, laat gebruiken of sloopt, dan wel een open erf of terrein gebruikt of laat gebruiken, draagt er, voor zover dat in diens vermogen ligt, zorg voor dat als gevolg van dat bouwen, gebruik of slopen geen gevaar voor de gezondheid of veiligheid ontstaat dan wel voortduurt.

3.

De eigenaar van een bouwwerk of degene die uit anderen hoofde bevoegd is tot het daaraan treffen van voorzieningen onderzoekt, of laat onderzoek uitvoeren naar, de staat van dat bouwwerk, voor zover dat bouwwerk behoort tot bij ministeriële regeling vast te stellen categorieën bouwwerken waarvan is vast komen te staan dat die een gevaar voor de gezondheid of de veiligheid kunnen opleveren.

Bij ministeriële regeling worden voorschriften gegeven omtrent het onderzoek.

Hoofdstuk II. Voorschriften betreffende het bouwen, de staat van bestaande bouwwerken, het gebruik, het slopen en de welstand

Afdeling 1. Voorschriften betreffende het bouwen, de staat van bestaande bouwwerken, het gebruik en het slopen

Artikel 1b

Artikel 2

Artikel 3

Artikel 4

Artikel 5

Artikel 6

Artikel 7

Artikel 7a

Afdeling 1a. Kwaliteitsborging voor het bouwen

Paragraaf 1. Instrumenten voor kwaliteitsborging

Artikel 7aa
Artikel 7ab
Artikel 7ac
Artikel 7ad
Artikel 7ae
Artikel 7af
Artikel 7ag
Artikel 7ah
Artikel 7ai
Artikel 7aj

Paragraaf 2. Toelatingsorganisatie

Artikel 7ak
Artikel 7al
Artikel 7am
Artikel 7an
Artikel 7ao
Artikel 7ap

Afdeling 2. De bouwverordening

Artikel 7b

Artikel 8

Artikel 9 [Vervallen per 29-11-2014]

Artikel 10 [Vervallen per 29-11-2014]

Artikel 11

Afdeling 3. De welstand

Artikel 12

Artikel 12a

Artikel 12b

Artikel 12c

Hoofdstuk III. Bijzondere bepalingen

Artikel 12d

Artikel 13

Artikel 13a

Artikel 13b

Artikel 14

Artikel 14a

Artikel 15

Artikel 15a [Vervallen per 01-04-2007]

Artikel 16 [Vervallen per 01-01-2015]

Artikel 16a [Vervallen per 01-04-2007]

Artikel 17

Artikel 17a [Vervallen per 01-04-2007]

Artikel 17b [Vervallen per 01-04-2007]

Artikel 18

Hoofdstuk IIIa. Wooncoöperaties

Artikel 18a

Hoofdstuk IV. Toegelaten instellingen

Afdeling 1. Algemene bepalingen

Artikel 19

Artikel 20

Artikel 21

Artikel 21a

Artikel 21b

Artikel 21c

Artikel 21d

Artikel 21e

Artikel 21f

Artikel 21g

Afdeling 2. Rechtsvorm en organisatie

§ 1. Rechtsvorm

Artikel 22
Artikel 23

§ 2. Het bestuur

Artikel 24
Artikel 25
Artikel 26
Artikel 27
Artikel 28
Artikel 29
Artikel 29a
Artikel 29b

§ 3. De raad van commissarissen

Artikel 30
Artikel 31
Artikel 32 [Vervallen per 01-07-2021]
Artikel 33
Artikel 34

§ 4. De jaarrekening, het jaarverslag en het volkshuisvestingsverslag

Artikel 35
Artikel 36
Artikel 36a
Artikel 37
Artikel 38

§ 5. Verdere bepalingen

Artikel 39

Afdeling 3. Werkzaamheden

§ 1. Relatie met de gemeente

Artikel 40
Artikel 41
Artikel 41a
Artikel 41b
Artikel 41c
Artikel 41d
Artikel 42
Artikel 43
Artikel 44
Artikel 44a
Artikel 44b
Artikel 44c [Nog niet in werking]
Artikel 44d

§ 2. Het gebied van de volkshuisvesting

Artikel 45
Artikel 45a [Vervallen per 28-10-2021]
Artikel 46

§ 3. Diensten van algemeen economisch belang

Artikel 47
Artikel 47a
Artikel 48

§ 4. Administratieve scheiding en vermogensscheiding

Artikel 48a
Artikel 49
Artikel 49a
Artikel 50

§ 5. Juridische scheiding

Artikel 50a
Artikel 50b
Artikel 50c

§ 6. Verdere bepalingen

Artikel 51
Artikel 52 [Vervallen per 01-10-2010]
Artikel 53
Artikel 53a
Artikel 54
Artikel 54a
Artikel 54b
Artikel 55
Artikel 55a
Artikel 55b
Artikel 56

Afdeling 4. Sanering, projectsteun en borgingsvoorziening

§ 1. Sanering en projectsteun

Artikel 57
Artikel 58

§ 2. Borgingsvoorziening

Artikel 59
Artikel 59a
Artikel 59b
Artikel 59c
Artikel 59d
Artikel 59e
Artikel 59f
Artikel 59g

Afdeling 5. Toezicht en bewind

Artikel 60

Artikel 61

Artikel 61a

Artikel 61b

Artikel 61c

Artikel 61d

Artikel 61e

Artikel 61f

Artikel 61g

Artikel 61h

Artikel 61i

Artikel 61j

Artikel 61k

Artikel 61l

Artikel 61la

Artikel 61lb

Artikel 61lc

Afdeling 6. Algemeenverbindendverklaring van overeenkomsten met of tussen toegelaten instellingen

Artikel 61m

Artikel 61n

Artikel 61o

Artikel 61p

Artikel 61q

Afdeling 7. Overige bepalingen

Artikel 61s

Artikel 61t

Artikel 61u

Hoofdstuk V. Voorziening in de woningbehoefte

Afdeling 1. Onderzoek naar de volkshuisvesting

Artikel 62

Artikel 63

Afdeling 2. Planning, programmering en verdeling

Artikel 64

Artikel 65

Artikel 66 [Vervallen per 01-01-1998]

Artikel 67 [Vervallen per 01-12-2000]

Artikel 68 [Vervallen per 01-12-2000]

Artikel 69

Afdeling 3. [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 70 [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 70a [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 70b [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 70c [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 70d [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 70e [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 70f [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 70g [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 70h [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 70i [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 70j [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 70k [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 70l [Vervallen per 01-07-2015]

Afdeling 3A. [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 71 [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 71a [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 71b [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 71c [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 71d [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 71e [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 71f [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 71g [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 71h [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 71i [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 71j [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 71k [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 71l [Vervallen per 01-07-2015]

Artikel 72 [Vervallen per 04-02-2000]

Artikel 73 [Vervallen per 01-07-2015]

Afdeling 4. Voorzieningen in het belang van de volkshuisvesting vanwege de gemeente of de provincie

Artikel 74 [Vervallen per 01-01-1998]

Artikel 75

Artikel 76 [Vervallen per 01-01-1998]

Artikel 77 [Vervallen per 01-01-1998]

Artikel 78 [Vervallen per 01-01-1998]

Artikel 79 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 80 [Vervallen per 01-10-2012]

Afdeling 4a. Stedelijke vernieuwing

Artikel 80a

Afdeling 5. Verstrekking van geldelijke steun uit ’s Rijks kas

Artikel 81

Artikel 82 [Vervallen per 01-07-2013]

Artikel 83

Artikel 84

Artikel 85 [Vervallen per 01-01-1998]

Artikel 86

Artikel 87

Artikel 88 [Vervallen per 13-06-2008]

Hoofdstuk VI. Bestuursrechtelijke handhaving

Artikel 89 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 90 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 91 [Vervallen per 21-02-1997]

Artikel 92

Artikel 92a

Artikel 93

Artikel 94 [Vervallen per 01-10-2010]

Artikel 95

Artikel 96 [Vervallen per 14-04-2016]

Artikel 97 [Vervallen per 01-10-2010]

Artikel 98 [Vervallen per 25-02-2005]

Artikel 99 [Vervallen per 25-02-2005]

Artikel 100 [Vervallen per 01-10-2010]

Artikel 100a [Vervallen per 01-10-2010]

Artikel 100aa [Vervallen per 01-10-2010]

Artikel 100ab [Vervallen per 01-10-2010]

Artikel 100b [Vervallen per 01-10-2010]

Artikel 100ba [Vervallen per 01-10-2010]

Artikel 100c [Vervallen per 01-10-2010]

Artikel 100d [Vervallen per 01-10-2010]

Artikel 100e [Vervallen per 01-10-2010]

Hoofdstuk VII. Voorzieningen in geval van buitengewone omstandigheden

Artikel 101

Artikel 101a [Nog niet in werking]

Artikel 102 [Nog niet in werking]

Artikel 103 [Nog niet in werking]

Hoofdstuk VIII. Dwang- en strafbepalingen

Artikel 104

Artikel 104a

Artikel 105

Artikel 105a [Vervallen per 01-01-2015]

Artikel 106 [Vervallen per 01-04-2007]

Artikel 107 [Vervallen per 01-04-2007]

Artikel 108 [Vervallen per 01-04-2007]

Artikel 109 [Vervallen per 01-04-2007]

Artikel 110 [Vervallen per 01-04-2007]

Artikel 111 [Vervallen per 01-04-2007]

Artikel 112 [Vervallen per 01-04-2007]

Artikel 113 [Vervallen per 01-04-2007]

Artikel 114 [Vervallen per 01-04-2007]

Artikel 115 [Vervallen per 01-04-2007]

Hoofdstuk IX. Slot- en overgangsbepalingen

Artikel 116

Artikel 117 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 118

Artikel 119

Artikel 119a [Vervallen per 25-02-2005]

Artikel 120

Artikel 120bis

Artikel 120a

Artikel 120b

Artikel 121

Artikel 122

Artikel 123 [Vervallen per 01-04-2007]

Artikel 124

Artikel 125

Artikel 126

Artikel 127

Artikel 128

Artikel 129

Artikel 130

Artikel 130a

Artikel 131

Artikel 132

Artikel 133

Artikel 134*

Artikel 134

Artikel 135

Artikel 136

Artikel 137

Artikel 138

Artikel 139 [Vervallen per 01-03-1999]

Artikel 140

Artikel 141

Artikel 142

Artikel 143

Artikel 144

Artikel 145

Artikel 146

Artikel 147

Artikel 148

Artikel 149

Artikel 150

Artikel 151

Artikel 152

Artikel 152b

Artikel 153