Home

Rechtbank Utrecht, 30-09-2008, BG1561, 16/710104-08

Rechtbank Utrecht, 30-09-2008, BG1561, 16/710104-08

Inhoudsindicatie

Bij een arts die een geheimhoudingsplicht heeft, worden diverse goederen in beslag genomen, waaronder computers en fotocamera's. Volgens de arts staan er op de inbeslaggenomen voorwerpen patiëntgegevens, die vallen onder zijn geheimhoudingsplicht. Is de doorzoeking en de inbeslagname rechtmatig geschied?

Uitspraak

RECHTBANK UTRECHT

Sector strafrecht

Parketnummer: 16/710104-08

Rekestnummer: 08/593

Beschikking van de meervoudige raadkamer, op het op 25 april 2008 ter griffie van deze rechtbank ingekomen klaagschrift, op grond van het bepaalde in de artikelen 552a van het Wetboek van Strafvordering (Sv), van:

[klager],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats],

wonende te [woonadres], [woonplaats],

domicilie kiezende te 3507 LC Utrecht, Postbus 13139, ten kantore van diens raadsman, mr. C.N.G.M. Starmans,

(hierna te noemen: klager).

Het klaagschrift is gericht tegen (het voortduren van) de inbeslagneming en (daarmee kennelijk tevens) over het uitblijven van een last tot teruggave van het inbeslaggenomene aan klager.

De rechtbank heeft kennis genomen van de inhoud van het dossier in de strafzaak tegen klager als verdachte (met opgemeld parketnummer), van voornoemd klaagschrift en van de ter zitting overhandigde pleitnota van de raadsman.

Het klaagschrift is behandeld in openbare raadkamer op 9 september 2008.

Gehoord zijn de raadsman van klager en de officier van justitie.

Klager is, alhoewel daartoe behoorlijk opgeroepen, niet verschenen.

De rechtbank gaat bij de beoordeling van het onderhavige beklag uit van de navolgende feiten en omstandigheden:

1. op 16 april 2008 is onder leiding van de rechter-commissaris de woning van klager doorzocht;

2. onder klager zijn de volgende goederen in beslag genomen:

- 1 computer, voorzien van code; AII2a (nr. 1);

- 1 fototoestel, merk Nikon coolpix 5900, voorzien van code; A112b (nr. 2);

- 1 digitale camera, merk Medion MD2998, in cameratasje, voorzien van code; AII2c (nr. 3);

- 1 usb-stick zilverkleurig met een opschrift van het [Medisch Centrum], voorzien van code; AII2d (nr. 4);

- 10 cd’s, voorzien van code AII2e (nr. 5);

- 1 digitale camera, merk Panasonic Lumix, kleur zwart en in een zwart cameratasje, met in dat tasje een memory-card, merk scandisk, voorzien van code AII8a (nr. 6);

- 1 i-pod Apple, kleur zwart, voorzien van code AII8b (nr. 7);

- 1 cameratas met SD kaart 512MB met batterij, voorzien van code AII8c (nr. 8);

- 6 cd’s, voorzien van code AII8d (nr. 9);

- 1 cameratas met videocamera, merk Canon MD 150, voorzien van code AII10a (nr. 10);

- 1 Nikontas met camera, merk Olympus zoom 115, voorzien van code BIIkamerlkrata (nr. 11);

- 1 Kodaktas met Kodak camera Advantix c40c, voorzien van code BIIkamerlkratb (nr. 12);

- 1 tas met Hasselbladcamera, voorzien van code BIIkamerlkratc (nr. 13);

- 1 fototoestel Nikkormat, voorzien van code BIIkamerlkratd (nr. 14);

- 1 videocamera Fujix FH80, voorzien van code BIIoverloopa (nr. 15);

- 1 Sony bandje H18-P90, voorzien van code BIIoverloopb (nr. 16);

- 1 dvd met titel ‘power of love’, aangetroffen in de auto, voorzien van code III01 (nr. 17);

3. klager heeft geen afstand gedaan van hetgeen in beslag is genomen;

4. klager heeft tijdens de doorzoeking aangegeven dat op de computer (nr. 1) en op het fototoestel, merk Nikon coolpix 5900 (nr. 2) zich mogelijk gegevens bevinden die onder zijn geheimhoudingsplicht als arts vallen;

5. de rechter-commissaris heeft tijdens de doorzoeking aangegeven dat de inhoud van de computer en het Nikon fototoestel vooralsnog niet aan het onderzoekend team van de politie ter beschikking worden gesteld, omdat deze voorwerpen mogelijk vertrouwelijke patiënteninformatie bevatten;

6. een medewerker van de Forensische Opsporing heeft een ‘blinde’ kopie gemaakt van de inhoud van de harde schijf van de computer en van de inhoud van de fototoestellen;

7. op 30 mei 2008 heeft de rechter-commissaris de ‘blinde’ kopieën van de inhoud van het fototoestel en de computer, inclusief gewiste afbeeldingen, bekeken. De rechter-commissaris heeft de afbeeldingen op een klein formaat bekeken waardoor patiëntinformatie niet leesbaar was. Hierbij heeft de rechter-commissaris 12 afbeeldingen gevonden die volgens haar relevant zijn voor het strafrechtelijk onderzoek. Deze afbeeldingen zijn door de rechter-commissaris op een usb-stick gezet;

8. op 22 juli 2008 heeft de rechter-commissaris de ‘blinde’ kopieën van twee andere digitale camera’s onderzocht, te weten de Medion MD2998 (nr. 3) en de Panasonic Lumix (nr. 6). De rechter-commissaris heeft op de Panasonic Lumix drie afbeeldingen gevonden die zij relevant acht voor het strafrechtelijk onderzoek. De rechter-commissaris heeft deze afbeeldingen op bovengenoemde usb-stick gezet;

9. de rechter-commissaris heeft de usb-stick met daarop de 15 afbeeldingen, de ‘blinde’ kopieën, de fotocamera’s en de geheugenkaarten van de fotocamera’s opgeslagen in een kluis;

10. in haar schriftelijk advies d.d. 2 september 2008 heeft de officier van justitie aangegeven dat de computer (nr. 1) reeds aan klager is teruggegeven. De officier van justitie heeft op 2 september 2008 aan de politie opdracht gegeven om de volgende goederen aan klager terug te geven: nrs. 3 t/m 5 en 7 t/m 17.

11. onder beslag liggen nog de volgende voorwerpen:

- ‘blinde’ kopieën van de harde schijf van de computer (nr. 1) en de ‘blinde’ kopieën van de geheugenkaarten van de fotocamera’s, te weten de Nikon (nr. 2) en de Panasonic (nr. 6);

- 2 fotocamera’s, te weten de Nikon (nr. 2) en de Panasonic (nr. 6);

- de geheugenkaarten van de beide fotocamera’s.

Overwegingen

De officier van justitie heeft in haar schriftelijk advies d.d. 2 september 2008 verklaard dat de computer (nr. 1) reeds is teruggegeven aan klager. De officier van justitie heeft op 2 september 2008 opdracht gegeven om de volgende in beslag genomen voorwerpen terug te geven aan klager: nrs. 3 t/m 5 en 7 t/m 17. Ter zitting is niet gebleken dat zulks niet is geschied. Gelet op deze beslissing heeft klager geen belang meer bij zijn beklag ter zake van deze voorwerpen, zodat klager ter zake van deze voorwerpen niet-ontvankelijk zal worden verklaard.

De beoordeling betreft derhalve alleen nog de hiervoor onder 11 genoemde blinde kopieën, fotocamera’s en geheugenkaarten.

Maatstaf bij de beoordeling van het onderhavige klaagschrift is of het belang van strafvordering zich verzet tegen teruggave van het overige dat bij klager in beslag is genomen. Nu beslag is gelegd op de voet van artikel 94 Sv is daarbij in dit geval van belang of het voortduren van het beslag nodig is voor het aan de dag brengen van de waarheid in een strafzaak.

Voordat de rechtbank echter toekomt aan de vraag of er sprake is van een strafvorderlijk belang, dient te worden beoordeeld of de doorzoeking en de inbeslagneming rechtmatig zijn geweest.

Een redelijk vermoeden van schuld ex artikel 27 Sv.

De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat de doorzoeking en de inbeslagneming niet rechtmatig zijn geweest omdat er onvoldoende is gebleken van feiten en omstandigheden om te concluderen dat er sprake is van een redelijk vermoeden van schuld ex artikel 27 Sv. Daarbij heeft hij tevens betoogd dat de in de aangifte omschreven handelingen geen strafbaar feit kunnen opleveren.

Vooropgesteld dient te worden dat de rechtbank marginaal dient te toetsen of er sprake is van een redelijk vermoeden van schuld. Blijkens de vordering doorzoeking ter inbeslagneming d.d. 11 april 2008 van de officier van justitie wordt klager verdacht van primair overtreding van artikel 246 en subsidiair overtreding van artikel 249 lid 2 sub 3 van het Wetboek van Strafrecht. De vordering is gebaseerd op het proces-verbaal van aangifte door [aangeefster] en de verklaring van getuige [getuige 1] (de moeder van aangeefster).

De rechtbank is van oordeel dat niet gezegd kan worden dat deze verklaringen niet de in die vordering genoemde strafbare feiten zouden kunnen opleveren. De uiteindelijke kwalificatiebeslissing is voorbehouden aan de rechter die te zijner tijd eventueel inhoudelijk over de zaak zal moeten oordelen. De rechtbank acht de in dit stadium genoemde verklaringen voldoende om een redelijk vermoeden van schuld aan te nemen als bedoeld in artikel 27 Sv.

Rechtmatige doorzoeking

De raadsman heeft zich in het klaagschrift op het standpunt gesteld dat de inbeslagneming niet rechtmatig is geweest omdat in strijd gehandeld is met de voorwaarden van artikel 98 Sv. Klager is arts en heeft zodoende een geheimhoudingsplicht. De goederen waarbij klager heeft aangegeven dat deze onder zijn geheimhoudingplicht vallen, mochten niet in beslag worden genomen. Er zijn geen feiten of omstandigheden die er toe zouden kunnen leiden dat de waarheidsvinding dient te prevaleren boven het verschoningsrecht dat klager toekomt, aldus de raadsman.

Om te kunnen beoordelen of het beslag rechtmatig was, dient de rechtbank in de eerste plaats te beoordelen of de doorzoeking ex art. 98 lid 2 Sv rechtmatig was.

Daarbij stelt de rechtbank voorop dat klager als arts een geheimhoudingsplicht heeft in de zin van artikel 218 Sv. Deze bepaling is ook van toepassing in het geval de geheimhouder zelf verdachte is.

Niet is gebleken dat klager toestemming heeft gegeven tot doorzoeking of inbeslagneming.

Op grond van artikel 98 lid 2 Sv mag een doorzoeking bij een geheimhouder, zonder diens toestemming, alleen plaatsvinden voor zover dit zonder schending van het beroepsgeheim kan geschieden en mag deze zich niet uitstrekken tot andere brieven of geschriften dan die welke het voorwerp van het strafbare feit uitmaken of tot het begaan daarvan hebben gediend.

De raadsman heeft desgevraagd ter zitting verklaard dat de doorzoeking zonder schending van het beroepsgeheim van zijn cliënt heeft plaatsgevonden. Ook het naderhand maken van zogenaamde blinde kopieën van de in beslag genomen gegevensdragers leverde, volgens de raadsman, nog geen schending van het beroepsgeheim op.

De rechtbank is met de raadsman van oordeel dat de zorgvuldige wijze waarop de rechter-commissaris de doorzoeking heeft verricht en het maken van ‘blinde’ kopieën van gegevensdragers geen schending van het beroepsgeheim oplevert.

De volgende vraag die de rechtbank dient te beantwoorden is of de doorzoeking zich heeft uitgestrekt tot andere brieven of geschriften dan die welke het voorwerp van het strafbare feit uitmaken. Hierbij dient te worden uitgegaan van de verdenking zoals neergelegd in de vordering van de officier van justitie tot doorzoeking van de woning van klager. De aan de vordering ten grondslag liggende strafbare feiten houden -kort gezegd- in dat klager foto’s heeft gemaakt van de blote vagina van [aangeefster].

De rechter-commissaris heeft op 15 april 2008 de vordering van de officier van justitie tot doorzoeking van de woning van klager toegewezen. In de vordering van de officier van justitie d.d. 11 april 2008 is aangegeven dat gezocht dient te worden naar de voorwerpen genoemd op pagina 3 van het proces-verbaal d.d. 9 april 2008 met nummer 08-102996, te weten afbeeldingen, digitale camera’s, alsmede gegevensdragers (computers, harde schijven, cd’s, dvd’s, floppydisks, videobanden, memory sticks en dergelijke) waarop mogelijk (deels) naakte vrouwen aanwezig zijn, waarvan het vermoeden bestaat dat dit patiënten kunnen zijn van genoemde huisarts.

Gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat de goederen waarnaar werd gezocht voorwerp van het strafbare feit uitmaakten of tot het begaan daarvan hebben gediend en dat derhalve in het midden kan blijven in hoeverre deze goederen aangemerkt zouden kunnen worden als brieven of geschriften.

Gelet op het bovenstaande is de rechtbank van oordeel dat de doorzoeking ex artikel 98 lid 2 Sv rechtmatig was.

Rechtmatige inbeslagname

In artikel 98 lid 1 Sv wordt bepaald dat bij personen met een bevoegdheid tot verschoning als bedoeld in artikel 218 Sv, geen brieven of andere geschriften in beslag worden genomen tot welke hun plicht tot geheimhouding zich uitstrekt, tenzij zij hiervoor toestemming hebben gegeven.

Zoals hierboven reeds gesteld heeft klager geen toestemming gegeven tot inbeslagname.

De rechtbank dient vervolgens de vraag te beantwoorden of zich thans nog brieven of geschriften onder beslag bevinden tot welke de plicht tot geheimhouding zich uitstrekt.

Daarbij merkt de rechtbank een bestand van een brief of geschrift, opgeslagen op een gegevensdrager eveneens, als zodanig aan. Door klager is aangevoerd dat sommige gegevensdragers bestanden kunnen bevatten die onder zijn geheimhoudingsplicht vallen.

Ten aanzien van de 2 fotocamera’s en de daarbij behorende geheugenkaarten is de rechtbank van oordeel dat deze in ieder geval niet kunnen worden aangemerkt als brieven of geschriften zodat de inbeslagname hiervan rechtmatig is geschied.

De bestanden op de blinde kopieën en de bestanden op de geheugenkaarten, voor zover deze betreffen de 15 afbeeldingen die door de rechter-commissaris als relevant voor het strafrechtelijk onderzoek zijn aangemerkt, maken naar het oordeel van de rechtbank onderdeel uit van de aan de vordering tot doorzoeking ten grondslag liggende strafbare feiten zodat deze bestanden niet vallen onder de geheimhoudingsplicht van klager en dus rechtmatig in beslag zijn genomen.

De overige bestanden die op de ‘blinde’ kopieën en op de geheugenkaarten staan, maken geen onderdeel uit van de aan de vordering ten grondslag liggende strafbare feiten. Nu klager heeft aangegeven dat zich op de harde schijf van de computer en op de geheugenkaarten van beide fotocamera’s mogelijk bestanden bevinden van brieven of geschriften en daarbij behorende foto’s, die onder zijn geheimhoudingsplicht vallen, mochten deze bestanden zonder toestemming van klager niet in beslag worden genomen. De rechtbank is derhalve van oordeel dat de inbeslagname van deze bestanden onrechtmatig is geweest en zal het beklag van klager ter zake van deze bestanden gegrond verklaren.

De bestanden op de ‘blinde’ kopieën dienen derhalve vernietigd te worden, behoudens die betreffende de 15 door de rechter-commissaris geselecteerde afbeeldingen,

De bestanden die op de geheugenkaarten staan en die niet behoren tot de 15 geselecteerde afbeeldingen, dienen teruggegeven te worden aan klager op zodanige manier dat zij worden verwijderd van de geheugenkaarten en getransporteerd naar een gegevensdrager (schijf of stick) die aan klager kan worden verstrekt.

Strafvorderlijk belang

De raadsman heeft zich in zijn klaagschrift op het standpunt gesteld dat geen belang van strafvordering zich verzet tegen teruggave van hetgeen bij klager in beslag is genomen, nu continuering van het beslag niet noodzakelijk is voor het aan de dag brengen van de waarheidsvinding.

De rechtbank is van oordeel dat een belang van strafvordering zich verzet tegen teruggave van de bovengenoemde (kopieën van) bestanden inhoudende de 15 door de rechter-commissaris geselecteerde afbeeldingen, de twee fotocamera’s (Nikon en Panasonic) en de bij deze camera’s behorende geheugenkaarten.

Het voortduren van dit beslag is nodig voor het aan de dag brengen van de waarheid in een strafzaak.

Met betrekking tot de fotocamera’s en de geheugenkaarten overweegt de rechtbank in het bijzonder dat niet valt uit te sluiten dat de politie deze goederen nodig heeft om onderzoek te doen naar het moment waarop de foto’s zijn gemaakt en de instellingen van de camera.

De rechtbank is dan ook van oordeel dat het beklag ter zake van de inbeslaggenomen (kopieën van) bestanden, inhoudende de door de rechter-commissaris geselecteerde afbeeldingen, fotocamera’s en geheugenkaarten, ongegrond dient te worden verklaard.

Beslissing

De rechtbank:

- verklaart klager ter zake van de in beslag goederen nrs. 1, 3 t/m 5 en 7 t/m 17 niet-ontvankelijk;

- verklaart het beklag ter zake van de in beslag genomen (kopieën van) bestanden betreffende de 15 door de rechter-commissaris geselecteerde afbeeldingen, een fotocamera merk Nicon (nr. 2), een fotocamera merk Panasonic Lumix (nr. 6) en de bij deze camera’s behorende geheugenkaarten, ongegrond;

- verklaart het beklag ter zake van de overige in beslag genomen bestanden gegrond;

- beveelt dat de blinde kopieën van de bestanden op de harde schijf van de computer van verdachte en van de bestanden op voornoemde geheugenkaarten, vernietigd worden, behoudens voor zover deze betreffen de 15 door de rechter-commissaris geselecteerde bestanden;

- beveelt dat de bestanden die op de geheugenkaarten staan, niet zijnde de 15 door de rechter-commissaris geselecteerde afbeeldingen, getransporteerd worden naar een gegevensdrager (schijf of stick) en dat deze gegevensdrager aan klager wordt verstrekt.

Deze beslissing is gewezen door mrs. A.J.P. Schotman, C.W. Bianchi en A.M.M.E. Doekes-Beijnes, rechters, als lid van de meervoudige raadkamer, in tegenwoordigheid van mr. P.B. Spaargaren, griffier en uitgesproken ter openbare zitting van de enkelvoudige raadkamer in deze rechtbank van 30 september 2008.