Home

SCHRIFTELIJKE VRAAG P-2606/99 van John Cushnahan (PPE-DE) aan de Commissie. Vervroegde pensionering.

SCHRIFTELIJKE VRAAG P-2606/99 van John Cushnahan (PPE-DE) aan de Commissie. Vervroegde pensionering.

SCHRIFTELIJKE VRAAG P-2606/99 van John Cushnahan (PPE-DE) aan de Commissie. Vervroegde pensionering.

Publicatieblad Nr. 225 E van 08/08/2000 blz. 0183 - 0184


SCHRIFTELIJKE VRAAG P-2606/99

van John Cushnahan (PPE-DE) aan de Commissie

(22 december 1999)

Betreft: Vervroegde pensionering

Kan de Commissie bevestigen of de betalingen in het kader van de nieuwe regeling inzake vervroegde pensionering volgend jaar zullen worden verhoogd? Zo ja, komen degenen die reeds een pensioen krachtens de oude regeling genieten hiervoor in aanmerking?

Antwoord van de heer Fischler namens de Commissie

(18 januari 2000)

Op grond van de nieuwe Verordening (EG) nr. 1257/1999 van de Raad van 17 mei 1999 inzake steun voor plattelandsontwikkeling uit het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw(1) kunnen de maximumbedragen worden verhoogd die voor subsidie van de Gemeenschap in aanmerking komen in het kader van de vervroegde uittreding, een maatregel die kan worden opgenomen in de programma's voor plattelandsontwikkeling die door de lidstaten voor de periode 2000-2006 worden ingediend. De verhoogde subsidie voor vervroegde uittreding zou alleen gelden voor nieuwe aanvragen voor toepassing van de regeling. Omdat verbintenissen die onder de nu geldende regeling Verordening (EEG) nr. 2079/92 van de Raad van 30 juni 1992 tot instelling van een communautaire steunregeling voor vervroegde uittreding in de landbouwsector(2) echter moeten worden opgenomen in de

nieuwe programma's voor plattelandsontwikkeling, is het niet volledig uitgesloten dat de steunbedragen voor personen die nu reeds van de vutregeling profiteren, worden verhoogd tot de hogere bedragen voor nieuwe aanvragers. Zo'n verhoging moet echter worden verantwoord aan de hand van de omstandigheden in de betrokken lidstaat. De verhoging van de maximumbedragen waarover subsidie van de Gemeenschap wordt toegekend en waartoe in de nieuwe verordening van de Raad is besloten, wettigt op zich geen verhoging van de betalingen in het kader van reeds aangegane verbintenissen.

(1) PB L 160 van 26.6.1999.

(2) PB L 215 van 30.7.1992.