Home

VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD over impliciete verplichtingen die mogelijk gevolgen hebben voor de overheidsbegrotingen

VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD over impliciete verplichtingen die mogelijk gevolgen hebben voor de overheidsbegrotingen

Brussel, 13.2.2019

COM(2019) 81 final

VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

over impliciete verplichtingen die mogelijk gevolgen hebben voor de overheidsbegrotingen


VERSLAG VAN DE COMMISSIE AAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD

over impliciete verplichtingen die mogelijk gevolgen hebben voor de overheidsbegrotingen

INHOUDSOPGAVE

1. Achtergrond

2. Overzicht van de gegevensverzameling door Eurostat in het kader van Richtlijn 2011/85/EU van de Raad

2.1. Verslaglegging uit hoofde van artikel 14, lid 3, van Richtlijn 2011/85/EU

2.2. Tijdigheid

2.3. Beschrijving van de indicatoren

2.3.1. Overheidsgaranties

2.3.2. Buiten de balans vallende publiek-private partnerschappen

2.3.3. Oninbare leningen van de overheid

2.3.4. Verplichtingen van door de overheid beheerde entiteiten die zijn ingedeeld als niet behorend tot de sector overheid (overheidsbedrijven)

3. Resultaten van de gegevensverzameling van Eurostat over voorwaardelijke verplichtingen

3.1. Volledigheid en dekking van de gegevens

3.1.1. Overheidsgaranties

3.1.2. Buiten de balans vallende publiek-private partnerschappen

3.1.3. Oninbare leningen

3.1.4. Verplichtingen van door de overheid beheerde entiteiten die zijn ingedeeld als niet behorend tot de sector overheid

3.2. Vergelijkbaarheid van de gegevens

4. Andere gegevensverzamelingen van Eurostat

4.1. Voorwaardelijke verplichtingen van de overheid in de financiële sector

4.2. Andere gegevensbronnen van Eurostat

5. Conclusies


1. Achtergrond

In artikel 11 van Verordening (EU) nr. 549/2013 betreffende het Europees systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie 1 (hierna "ESR 2010" genoemd) is bepaald dat de Commissie uiterlijk 2018 aan het Europees Parlement en de Raad een aanvullend verslag voorlegt waarin wordt geëvalueerd in hoeverre de door de Commissie (Eurostat) gepubliceerde informatie over verplichtingen representatief is voor alle impliciete (inclusief voorwaardelijke) verplichtingen die buiten de overheidssfeer zijn aangegaan. In het vorige verslag over dit onderwerp, dat door de Commissie (Eurostat) in 2015 2 werd uitgebracht, werd de op dat moment bestaande informatie gepresenteerd over publiek-private partnerschappen (PPP's) en andere impliciete (waaronder ook voorwaardelijke) verplichtingen die buiten de overheidssfeer zijn aangegaan.

De verplichtingen worden voorwaardelijk genoemd aangezien zij van nature enkel potentiële en geen feitelijke verplichtingen zijn. Het belang van de verzameling van dit soort informatie wordt uitdrukkelijk erkend in punt 5.11 van bijlage A bij ESR 2010: " Hoewel voorwaardelijke activa en voorwaardelijke passiva niet in de rekeningen worden geregistreerd, zijn ze toch belangrijk voor beleids- en analysedoeleinden. Er dienen daarom inlichtingen daarover te worden verzameld en als aanvullende gegevens te worden gepresenteerd. Hoewel het mogelijk is dat uit voorwaardelijke activa en voorwaardelijke passiva uiteindelijk geen verplichte betalingen voortvloeien, kan een hoog niveau van voorwaardelijke activa en voorwaardelijke passiva duiden op een ongewenst hoog risico voor de eenheden die ze aanbieden. "

Daarnaast moet worden benadrukt dat de voorwaardelijke verplichtingen geen deel uitmaken van de overheidsschuld zoals gedefinieerd in Verordening (EG) nr. 479/2009 van de Raad betreffende de toepassing van het Protocol betreffende de procedure bij buitensporige tekorten 3 .

In dit verslag wordt een bijgewerkt overzicht gegeven van de gegevens waarover Eurostat beschikt. Het is voornamelijk gericht op de gegevens over voorwaardelijke verplichtingen die door Eurostat zijn verzameld in het kader van de versterking van de economische governance van de EU die in 2011 heeft plaatsgevonden (het "sixpack"), met name de gegevensverzameling als bedoeld in Richtlijn 2011/85/EU tot vaststelling van voorschriften voor de begrotingskaders van de lidstaten 4 . In artikel 14, lid 3, van deze richtlijn zijn nieuwe statistische vereisten voor de lidstaten vastgelegd:

"Voor alle subsectoren van de overheid publiceren de lidstaten relevante informatie over voorwaardelijke verplichtingen met mogelijk grote gevolgen voor de overheidsbegrotingen, zoals onder meer overheidsgaranties, oninbare leningen en uit de exploitatie van overheidsbedrijven voortvloeiende verplichtingen, met vermelding van de omvang ervan. Tevens publiceren de lidstaten informatie over overheidsparticipaties in kapitaal van particuliere en overheidsbedrijven, voor zover het om economisch significante bedragen gaat."

De in het kader van de bovengenoemde richtlijn verzamelde gegevens zijn de belangrijkste bron van informatie met betrekking tot voorwaardelijke verplichtingen van de overheden in de lidstaten. Bovendien bevatten andere gegevensverzamelingen van Eurostat (d.w.z. aanvullende tabel betreffende de financiële crisis, vragenlijst met betrekking tot de buitensporigtekortprocedure (BTP) ) beperkte en/of vertrouwelijke informatie over bepaalde soorten voorwaardelijke verplichtingen. Daarnaast wordt in dit verslag het toepassingsgebied van de uit deze bronnen beschikbare informatie gepresenteerd.

2. Overzicht van de gegevensverzameling door Eurostat in het kader van Richtlijn 2011/85/EU van de Raad

2.1. Verslaglegging uit hoofde van artikel 14, lid 3, van Richtlijn 2011/85 /EU

Over de toepassing van de statistische eisen van de richtlijn bestond brede overeenstemming in de taskforce die door Eurostat, in samenwerking met de lidstaten en DG ECFIN, wordt geleid 5 . Het eindverslag van de taskforce bevat onder meer een reeks templates en begeleidende aantekeningen over de methodologie, het toepassingsgebied van verplichte informatie, en de frequentie en de tijdigheid voor de bekendmaking van gegevens over voorwaardelijke verplichtingen door de lidstaten en Eurostat.

Hierin is gespecificeerd dat Eurostat geselecteerde indicatoren betreffende voorwaardelijke verplichtingen zou verzamelen en publiceren, d.w.z. overheidsgaranties, buiten de balans vallende publiek-private partnerschappen, verplichtingen van door de overheid beheerde entiteiten die zijn ingedeeld als niet behorend tot de sector overheid (overheidsbedrijven) en oninbare leningen (overheidsactiva) . De lidstaten moeten dezelfde indicatoren publiceren op nationaal niveau en in aanvulling daarop, de gegevens over de overheidsparticipatie in het kapitaal van bedrijven.

De benodigde veranderingen in de verzamelingssystemen van Eurostat zijn ingevoerd bij wijze van een aanvulling op de vragenlijst in het kader van de buitensporigtekortprocedure (BTP), uit hoofde van artikel 8, lid 2, onder d), van Verordening (EG) nr. 479/2009 van de Raad. De templates en uitvoeringsrichtsnoeren zijn vastgesteld in het besluit van Eurostat van 22 juli 2013 betreffende het supplement inzake voorwaardelijke verbintenissen en mogelijke verplichtingen in verband met de vragenlijst met betrekking tot de BTP 6 . In dit besluit is ook bepaald dat de gegevens over de verplichtingen van door de overheid beheerde entiteiten die zijn ingedeeld als niet behorend tot de overheid (overheidsbedrijven), door Eurostat worden opgesteld op basis van de reeds verzamelde informatie door middel van de in 2011 ingevoerde vragenlijst over door de overheid beheerde eenheden die zijn ingedeeld als niet behorend tot de sector overheid 7 .

Alle indicatoren worden gerapporteerd aan Eurostat in miljoenen van de nationale valuta op het niveau van de individuele subsectoren van de overheid. De metagegevens ter verduidelijking van volledigheid, definities, tijdigheid, gebruik van ramingen of tijdigheid van de gegevens moeten samen met de gegevens bij Eurostat worden ingediend.

2.2. Tijdigheid

Het " supplement inzake voorwaardelijke verbintenissen en mogelijke verplichtingen in verband met de vragenlijst met betrekking tot de BTP" moet jaarlijks door de nationale statistische instanties bij Eurostat worden ingediend vóór 31 december van het jaar T. De gegevens moeten ten minste vier jaren omvatten (T-1 tot en met T-4) en – op vrijwillige basis – de herzieningen van historische gegevens (T-5 en ouder). De vragenlijst over door de overheid beheerde eenheden die zijn ingedeeld als niet behorend tot de sector overheid moet binnen dezelfde termijn worden verstrekt en betrekking hebben op jaar T-1 (of T-2, indien er geen recentere gegevens beschikbaar zijn).

2.3. Beschrijving van de indicatoren

In deze afdeling worden de overeengekomen concepten en definities voor de publicatie van gegevens over voorwaardelijke verplichtingen beschreven en de toepassing ervan door de lidstaten in de aan Eurostat verstrekte gegevens wordt in afdeling 3 beschreven. Er moet worden benadrukt dat de onderstaande indicatoren van heterogene aard zijn en diverse categorieën mogelijke gevolgen voor de overheidsbegrotingen vertegenwoordigen. Bovendien kan in sommige gevallen hetzelfde begrotingsrisico in twee of meer indicatoren tot uitdrukking komen. Als een overheid bijvoorbeeld garant staat voor de verplichting van een door de overheid beheerde entiteit die is ingedeeld als niet behorend tot de sector overheid, vallen de potentiële risico's onder zowel de gegevens betreffende garanties als verplichtingen van door de overheid beheerde entiteiten die zijn ingedeeld als niet behorend tot de sector overheid . Als het risico voor de overheidsfinanciën dus wordt beoordeeld door de indicatoren bij elkaar op te tellen, kan dat leiden tot overschatting van de mogelijke gevolgen.

2.3.1. Overheidsgaranties

Eurostat verzamelt gegevens over het openstaande bedrag van de garanties die door de overheid zijn verleend. Alleen garanties die worden verstrekt aan eenheden die zijn ingedeeld als niet behorend tot de sector overheid, worden bestreken door de verslaglegging. Een uitsplitsing naar subsectoren is beschikbaar (met uitzondering van socialezekerheidsfondsen, waarvoor een uitsplitsing voor de meeste lidstaten niet relevant is). De gegevens worden gerapporteerd in nominale waarden.

De gegevens bestrijken zowel eenmalige garanties als standaardgaranties. Eenmalige garanties zijn individueel en borgen zijn niet in staat een betrouwbare schatting van het claimrisico te maken. Eenmalige garanties zijn gekoppeld aan schuldinstrumenten (bv. leningen, obligaties). De gegevens hebben betrekking op het totale bestand van door overheidsinstellingen gegarandeerde schulden, met uitzondering van de schuld die reeds is overgenomen door de overheid, zoals opgegeven in de ESR 2010-rekeningen. Een aanvullende uitsplitsing is beschikbaar voor eenmalige garanties die zijn verleend aan overheidsbedrijven of financiële instellingen.

Standaardgaranties zijn garanties die in grote aantallen en op vrijwel identieke wijze worden afgegeven, meestal voor vrij kleine bedragen. Het risico dat een bepaalde lening niet wordt afgelost, kan niet exact worden ingeschat, maar het is wel mogelijk te ramen hoeveel leningen uit een grotere groep niet zullen worden afgelost. Voorbeelden hiervan zijn hypotheekgaranties, studieleninggaranties enz. Gegevens over standaardgarantieregelingen hebben betrekking op het totale activabestand dat onder dit instrument valt.

2.3.2. Buiten de balans vallende publiek-private partnerschappen

Met buiten de balans van de overheid vallende publiek-private partnerschappen 8 wordt bedoeld dat de activa niet worden beschouwd als economisch eigendom van de overheid en dat de bruto-investeringen in vaste activa niet worden geregistreerd als uitgaven van de overheid op het moment dat ze worden gedaan.

Eurostat verzamelt gegevens over de totale uitstaande verplichtingen die buiten de balans zijn geboekt. Deze moeten worden uitgedrukt in de aangepaste kapitaalwaarde, d.w.z. de aanvankelijke contractuele kapitaalwaarde die in de loop van de tijd geleidelijk wordt verminderd met het bedrag van de "waardevermindering", berekend op basis van ramingen en feitelijke gegevens. De aangepaste kapitaalwaarde weerspiegelt de actuele waarde van de activa op het moment van de verslaglegging. Het bedrag vertegenwoordigt een raming van de bruto-investeringen in vaste activa en het effect van de schuld indien de overheid de activa zou moeten overnemen gedurende de looptijd van het contract. Gegevens worden verzameld voor de overheid, uitgesplitst naar alle subsectoren en gerapporteerd in nominale waarden.

2.3.3. Oninbare leningen van de overheid

Informatie wordt verzameld aan de hand van de standen van oninbare leningen (overheidsactiva) die worden verstrekt door de overheid. Een lening wordt als oninbaar beschouwd wanneer er gedurende ten minste 90 dagen na de vervaldatum geen rente is betaald noch op de hoofdsom is afbetaald, of wanneer rente die al ten minste 90 dagen verschuldigd is, op grond van een overeenkomst is gekapitaliseerd, geherfinancierd of uitgesteld, of wanneer betalingen weliswaar minder dan 90 dagen over tijd zijn, maar er andere goede redenen zijn (zoals wanneer het faillissement van een debiteur is aangevraagd) om te betwijfelen of de betalingen volledig zullen plaatsvinden. De gegevens worden gerapporteerd in nominale waarden. Het geconsolideerde cijfer voor de overheid en details per subsector worden beschikbaar gemaakt.

2.3.4. Verplichtingen van door de overheid beheerde entiteiten die zijn ingedeeld als niet behorend tot de sector overheid (overheidsbedrijven)

Door de overheid beheerde entiteiten zijn eenheden waarvoor de overheid het algemene beleid of programma kan bepalen (ESR 2010, bijlage A, punt 20.18) 9 . Deze door de overheid beheerde entiteiten (overheidsbedrijven) worden in de meeste gevallen ingedeeld als niet behorend tot de sector overheid vanwege hun gedrag als markteenheid.

Verplichtingen van door de overheid beheerde eenheden die zijn ingedeeld als niet behorend tot de sector overheid (overheidsbedrijven) worden gedefinieerd als de stand van de schulden aan het eind van het jaar, doorgaans op basis van de zakelijke rekeningen van vennootschappen. De lidstaten kunnen kiezen welk concept zij gebruiken voor de verslaglegging, concepten uit bedrijfsboekhoudingen (met inbegrip van alle verplichtingen uit de jaarrekening van het bedrijf) of uit nationale rekeningen (met uitzondering van de post overige schulden). Indien beschikbaar kunnen er ook gegevens over verplichtingen voor posten met betrekking tot de Maastrichtschuld worden gerapporteerd.

Gegevens bestrijken door de overheid beheerde eenheden die verplichtingen van meer dan 0,01 % van het bbp rapporteren en volgens ESR 2010 worden ingedeeld in de sectoren niet-financiële vennootschappen, financiële instellingen en buitenland. De gegevens worden gerapporteerd voor de afzonderlijke eenheden en niet voor de geconsolideerde jaarrekening van groepen.

De gegevens zijn uitgesplitst naar verplichtingen van de eenheden die zijn betrokken bij financiële activiteiten 10 en verplichtingen van de eenheden die zijn betrokken bij andere activiteiten, waaronder verliesgevende niet-financiële eenheden. Bovendien is de beherende subsector van de overheid ook identificeerbaar op basis van de gegevens.


3. Resultaten van de gegevensverzameling van Eurostat over voorwaardelijke verplichtingen

Sinds de eerste toezending van gegevens in december 2014 geschiedt de regelmatige verzameling van gegevens op jaarlijkse basis. Eurostat heeft stelselmatig toezicht gehouden op de aanpassing van de lidstaten aan de richtsnoeren van de taskforce, verbeterpunten onder de aandacht gebracht en de lidstaten aangemoedigd vorderingen te maken inzake de kwaliteit van gegevens. Uitgaande van de resultaten van de gegevensverzameling van 2017 wordt in de onderstaande paragrafen ingegaan op de stand van zaken betreffende de volledigheid en dekking.

Alle lidstaten hebben het "supplement inzake voorwaardelijke verbintenissen en mogelijke verplichtingen" rond de indieningstermijn van eind december 2017 aan Eurostat verstrekt. Op 29 januari 2018 heeft Eurostat de cijfers in miljoenen van de nationale valuta en als percentage van het bbp 11 in zijn database gepubliceerd 12 , vergezeld van de bijbehorende metagegevens en de landenspecifieke voetnoten 13 . Er werd ook een begeleidend persbericht gepubliceerd 14 . De belangrijkste resultaten worden gepresenteerd in bijlage 1 bij dit verslag.

3.1. Volledigheid en dekking van de gegevens

Alle lidstaten hebben het ingevulde supplement inzake voorwaardelijke verbintenissen en mogelijke verplichtingen ingediend en geantwoord op de vragenlijst over door de overheid beheerde entiteiten die zijn ingedeeld als niet behorend tot de sector overheid. De volledigheid van de gegevens verschilt afhankelijk van de indicator en de lidstaten.

3.1.1. Overheidsgaranties

Alle lidstaten hebben cijfers verstrekt over de totale overheidsgaranties voor de overheid voor de verplichte jaren 2013-2016. De volledigheid en dekking van de gegevens wordt voor de meeste lidstaten als "goed" beschouwd. In het geval van drie lidstaten – Griekenland, Frankrijk en Italië – zijn nog verbeteringen nodig wat betreft de beschikbaarheid en volledigheid van de gegevens voor de subsector lokale overheden.

Voor Tsjechië zijn de gegevens voor ondernemingen die zijn inbegrepen onder de sector overheid niet helemaal volledig, hoewel alle belangrijke entiteiten worden bestreken. Wat Hongarije betreft zijn de gegevens voor de budgettaire centrale en de plaatselijke overheid en grote heringedeelde staatsbedrijven volledig, maar is er met betrekking tot verstrekte garanties geen gegevensverzameling van onlangs heringedeelde wettelijke garantiefondsen en heringedeelde kleine staatsbedrijven of overheidsondernemingen en instellingen zonder winstoogmerk in handen van lokale overheden en bestaat er geen plan voor het verzamelen van administratieve of statistische gegevens van heringedeelde kleine eenheden. Voor Finland zijn de gegevens voor lokale overheden niet volledig geconsolideerd.

Hoewel voor sommige lidstaten (Denemarken, Kroatië en Polen) geen gegevens beschikbaar zijn over standaardgaranties van lokale overheden, zijn de gevolgen van deze bedragen voor het totale niveau van garanties naar verwachting niet significant.

3.1.2. Buiten de balans vallende publiek-private partnerschappen

Alle lidstaten hebben voor de verplichte periode 2013-2016 gegevens ingediend over buiten de balans vallende publiek-private partnerschappen. De volledigheid en dekking van de gegevens wordt voor de meeste lidstaten als "goed" beschouwd. In het geval van Slovenië en het Verenigd Koninkrijk, die geen gegevens voor lokale overheden beschikbaar hebben, is verbetering nodig; naar verwachting gaat het echter niet om grote bedragen. Voor Finland is de dekking van de gegevens over de lokale overheid wellicht ook niet volledig.

3.1.3. Oninbare leningen

De volledigheid en de dekking van de gegevens over oninbare leningen behoeven nog steeds aanzienlijke verbetering. Voor de vereiste periode 2013-2016 hebben 24 lidstaten gegevens ingediend. Vier lidstaten – België, Frankrijk, Kroatië en Cyprus – verstrekken nog altijd geen informatie over oninbare leningen van de overheid.

Daarnaast is de dekking van de gegevens niet volledig voor Italië, Portugal en Finland. Wat Griekenland betreft dekken de gegevens de sociale zekerheidssector niet, terwijl voor Spanje en het Verenigd Koninkrijk de dekking van de gegevens niet volledig is voor lokale overheden, hoewel het naar verwachting geen grote bedragen betreft.

3.1.4. Verplichtingen van door de overheid beheerde entiteiten die zijn ingedeeld als niet behorend tot de sector overheid

Alle lidstaten hebben geantwoord op de Eurostat-vragenlijst over door de overheid beheerde entiteiten, die de basis vormt voor de berekening van de gegevensreeksen voor verplichtingen van door de overheid beheerde entiteiten die zijn ingedeeld als niet behorend tot de sector overheid. Voor de meeste lidstaten hebben de gegevens betrekking op 2016, met uitzondering van Tsjechië, Frankrijk, Duitsland, Oostenrijk en (ten dele) van Italië en Malta, waarvoor de gegevens betrekking hebben op 2015. Een meerderheid van de lidstaten heeft volledige gegevens ingediend die alle beherende subsectoren van de overheid bestrijken, hoewel in sommige gevallen nog verbeteringen nodig zijn.

Voor Frankrijk en Ierland is de dekking van de gegevens over de lokale overheid niet helemaal volledig. In het geval van Griekenland en België zijn er ook een aantal door de overheid beheerde kleinere eenheden die niet zijn opgenomen in de gegevens; het gaat naar verwachting evenwel niet om significante bedragen. Voor Polen omvatten de gegevens geen eenheden met minder dan tien werknemers.

3.2. Vergelijkbaarheid van de gegevens

De gegevens over voorwaardelijke passiva van de overheden zijn landenspecifiek en houden nauw verband met de economische, financiële en juridische structuur van de lidstaat. Er is bij deze gegevensverzameling aanzienlijke vooruitgang geboekt wat betreft de dekking en de volledigheid van de gegevens. Voor sommige lidstaten is de dekking van de gegevens desondanks nog niet helemaal volledig, zoals hierboven beschreven en nader toegelicht in de voetnoten die samen met de gegevens voor de lidstaten worden gepubliceerd.

In het algemeen is de vergelijkbaarheid van overheidsgaranties, oninbare leningen en buiten de balans vallende publiek-private partnerschappen bevredigend, terwijl de vergelijkbaarheid beperkt is voor de verplichtingen van overheidsbedrijven.

Naast de kwesties inzake de dekking van de gegevens, moet in het geval van deze indicator rekening worden gehouden met andere aspecten bij het analyseren van de cijfers van de lidstaten. Ten eerste zijn de gegevens over de verplichtingen van overheidsbedrijven niet geconsolideerd, wat betekent dat een deel van de verplichtingen van deze eenheden kan uitstaan bij entiteiten in dezelfde groep bedrijven en dat die bedragen niet zijn af te leiden uit de gerapporteerde gegevens. Ten tweede betreft de gegevensverzameling alleen de verplichtingen zonder deze in evenwicht te brengen met de activa. Dit aspect is van groot belang voor financiële instellingen, die normaal gezien over aanzienlijke bedragen van zowel activa als schuldverplichtingen beschikken. Voorts tellen sommige lidstaten meer entiteiten waarover de overheid zeggenschap heeft en die betrokken zijn bij financiële dienstverlening dan andere lidstaten. Deze lidstaten rapporteren derhalve meer verplichtingen dan de lidstaten die in het geheel geen of slechts enkele van dergelijke entiteiten tellen. Voorts gaat het in sommige lidstaten bij een groot deel van de door financiële instellingen gerapporteerde verplichtingen om deposito's die door huishoudens of door andersoortige particuliere dan wel publieke entiteiten bij staatsbanken worden aangehouden.

Hierbij moet ook worden vermeld dat de lidstaten bij het verzamelen van de verplichtingen van overheidsbedrijven kunnen kiezen welk concept zij gebruiken voor de verslaglegging: het concept van bedrijfsboekhoudingen of dat van nationale rekeningen. Overeenkomstig de definities van de bedrijfsboekhoudingen hebben de lidstaten alle verplichtingen uit de jaarrekening van de onderneming opgenomen, met inbegrip van verplichtingen die verband houden met de post "overige schulden". De meeste lidstaten hebben de verplichtingen aan de hand van deze aanpak gerapporteerd. Enkele lidstaten (Spanje, België, Nederland en Slowakije) hebben daarentegen Maastricht-verplichtingen gerapporteerd, en met name gegevens over verplichtingen inzake chartaal geld en deposito's, schuldbewijzen en leningen (zoals omschreven in ESA 2010), met uitzondering van de post "overige schulden".

4. Andere gegevensverzamelingen van Eurostat

4.1. Voorwaardelijke verplichtingen van de overheid in de financiële sector

Eurostat verzamelt sinds oktober 2009 regelmatig (in het kader van de halfjaarlijkse BTP-kennisgeving 15 ) informatie over voorwaardelijke verplichtingen van de overheid, via de "aanvullende tabel betreffende overheidsinterventies ter ondersteuning van de financiële instellingen" 16 . Hierin zijn gegevens opgenomen betreffende de werkelijke en potentiële gevolgen voor het overheidstekort en de overheidsschuld van de steun aan financiële instellingen.

Op de website 17 van Eurostat is voor elke lidstaat van de EU de informatie over de voorwaardelijke verplichtingen van de overheid met betrekking tot de financiële sector gepubliceerd, met inbegrip van een overzichtstabel met de geaggregeerde gegevens voor de EU en het eurogebied, en deze bestrijkt de jaren 2007-2017.

4.2. Andere gegevensbronnen van Eurostat

Gedurende meer dan tien jaar wordt door Eurostat een aantal gegevens over overheidsgaranties en buiten de balans van de overheid vallende publiek-private partnerschappen verzameld in de tabellen bij de BTP-vragenlijst (die niet openbaar zijn) die met de BTP-kennisgeving zijn ingediend. De verzamelde informatie is niet bestemd voor publicatie, maar voor interne doeleinden van Eurostat met betrekking tot de kwaliteitsborging van de BTP-kennisgeving. Bovendien worden ook geaggregeerde gegevens betreffende staatsgaranties verzameld als onderdeel van de jaarlijkse "vragenlijst betreffende de structuur van de overheidsschuld", die wordt gepubliceerd op de website van Eurostat op ongeveer T + 6 maanden na het einde van de referentieperiode 18 .

5. Conclusies

De verzameling van gegevens over voorwaardelijke verplichtingen in het kader van Richtlijn 2011/85/EU van de Raad heeft de beschikbaarheid van informatie over de impliciete verplichtingen van de overheid vergroot. Vóór de tenuitvoerlegging van de richtlijn zijn slechts gedeeltelijke en met name niet-openbare gegevens over garanties en buiten de balans vallende publiek-private partnerschappen verzameld door Eurostat. Naar aanleiding van het verslag van de taskforce zijn de lidstaten op een geharmoniseerde en grondige manier begonnen met het op nationaal niveau publiceren van relevante informatie en het verstrekken hiervan aan Eurostat. Na de eerste gegevensverzameling in 2014 heeft een aantal lidstaten de cijfers beoordeeld en herzien om nauwer aan te sluiten bij de richtsnoeren van de taskforce. Momenteel zijn voor de overgrote meerderheid van de lidstaten volledige gegevens beschikbaar voor de meeste indicatoren en is de dekking goed. Eurostat heeft grote waardering voor de inspanningen die de lidstaten hebben geleverd en juicht de behaalde resultaten toe.

Niettemin zijn in sommige gevallen, zoals hierboven aangegeven, de gegevens nog niet helemaal volledig. Er zou met name nog vooruitgang moeten worden geboekt inzake gegevens over oninbare leningen en de verplichtingen van door de overheid beheerde entiteiten die zijn ingedeeld als niet behorend tot de sector overheid. Eurostat zal samen met de lidstaten blijven werken aan de volledigheid van de informatie voor deze indicatoren.

Bovendien kan de beschikbaarheid van de bijbehorende metagegevens verder worden verbeterd, zodat gebruikers beter kunnen worden geïnformeerd over de nationale kenmerken, herzieningen en van jaar tot jaar optredende veranderingen. Onderzocht zal worden of het huidige model voor metagegevens kan worden uitgebreid in het kader van toekomstige gegevensverzamelingen.

Afsluitend kan worden gesteld dat, hoewel voorwaardelijke verplichtingen een uitdagend statistisch onderwerp zijn, er de afgelopen jaren grote verbeteringen tot stand zijn gebracht. De nieuwe gegevensverzameling is een stap voorwaarts naar grotere transparantie van de overheidsfinanciën in de Europese Unie, door een vollediger beeld te schetsen van de financiële positie van de EU-lidstaten. De beschikbaarheid van vergelijkbare en geharmoniseerde gegevens over voorwaardelijke verplichtingen van de overheid is een belangrijke prestatie, waarmee de EU op dit terrein in internationaal verband tot koploper is uitgegroeid.

Bijlage 1. Totaal aan voorwaardelijke verplichtingen en oninbare leningen van overheden in EU-lidstaten, 2016 (% van het bbp)

Overheidsgaranties

Verplichtingen met betrekking tot buiten de balans vallende publiek-private partnerschappen

Verplichtingen van door de overheid beheerde entiteiten die zijn ingedeeld als niet behorend tot de sector overheid

Oninbare leningen (overheidsactiva)

eenmalig

standaardgaranties

Totaal

Bij financiële activiteiten betrokken entiteiten

Bij andere activiteiten betrokken entiteiten

Totaal

België

10,3

0,6

10,9

0,1

38,0

13,7

51,7

:

Bulgarije

0,4

0,1

0,5

0,0

5,0

8,1

13,1

0,1

Tsjechië

0,3

0,0

0,3

0,0

0,0

10,7

10,8

1,4

Denemarken

9,9

0,0

9,9

0,2

10,9

18,2

29,1

0,3

Duitsland

14,3

0,0

14,3

0,0

96,4

4,3

100,7

0,1

Estland

0,0

1,5

1,5

0,1

0,2

13,3

13,5

0,0

Ierland

1,9

0,0

1,9

0,7

36,4

6,4

42,8

0,8

Griekenland

6,1

0,0

6,1

0,1

136,1

8,1

144,2

0,2

Spanje

7,7

0,0

7,7

0,3

22,7

3,0

25,7

0,2

Frankrijk

3,0

2,2

5,2

0,0

42,8

19,2

62,0

:

Kroatië

2,6

0,0

2,6

0,1

5,2

5,2

10,4

:

Italië

1,2

1,2

2,4

0,0

29,3

22,6

51,9

0,0

Cyprus

9,1

0,3

9,4

0,8

76,2

13,6

89,8

:

Letland

0,9

0,5

1,5

0,0

-

20,7

20,7

0,2

Litouwen

0,2

0,7

0,9

0,0

0,1

5,8

5,9

0,1

Luxemburg

12,0

0,9

12,9

0,0

74,4

7,1

81,5

0,0

Hongarije

7,9

0,2

8,1

1,7

9,3

5,0

14,3

0,0

Malta

14,1

0,0

14,1

0,1

3,2

16,2

19,4

0,0

Nederland

3,3

0,4

3,7

0,4

88,3

15,6

103,9

0,0

Oostenrijk

20,5

0,0

20,5

0,1

14,6

13,4

28,0

1,1

Polen

6,5

0,7

7,1

0,0

21,9

12,8

34,7

0,3

Portugal

5,6

0,0

5,6

3,2

62,4

3,9

66,2

1,5

Roemenië

0,4

1,9

2,2

0,0

3,9

3,5

7,4

0,0

Slovenië

9,6

0,0

9,6

0,0

40,1

18,2

58,2

5,9

Slowakije

0,0

0,0

0,0

3,1

0,3

1,0

1,3

0,1

Finland

27,0

1,1

28,0

0,0

20,5

22,2

42,7

0,1

Zweden

10,5

0,0

10,5

0,0

19,4

24,4

43,8

0,7

Verenigd Koninkrijk

8,3

0,1

8,3

1,5

37,6

5,4

42,9

0,0

":" gegevens niet beschikbaar; "-" niet van toepassing

(1)

Verordening (EU) nr. 549/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 betreffende het Europees systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie (PB L 174 van 26.6.2013, blz. 1).

(2)

http://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/?qid=1435910317596&uri=CELEX:52015DC0314

(3)

Verordening (EG) nr. 479/2009 van de Raad van 25 mei 2009 betreffende de toepassing van het aan het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap gehechte Protocol betreffende de procedure bij buitensporige tekorten, PB L 145 van 10.6.2009, blz. 1.

(4)

Richtlijn 2011/85/EU van de Raad van 8 november 2011 tot vaststelling van voorschriften voor de begrotingskaders van de lidstaten (PB L 306 van 23.11.2011, blz. 41).

(5)

In 2012 is de taskforce driemaal bijeengekomen, en wel op 29 juni, 5 september en 6 november.

(6)

http://ec.europa.eu/eurostat/documents/1015035/2041337/ESTAT-decision-Suppl-on-conting-liab-EDP-Q.pdf/0b35165a-ee53-470a-a15a-7beaa98aac8b

(7)

Het CMFB heeft in 2011 een positief advies voor de vragenlijst afgegeven. De gegevens worden op jaarbasis verzameld en de eerste toezending van gegevens vond plaats in december 2012.

(8)

Publiek-private partnerschappen zoals gedefinieerd in punt 20.276 van bijlage A bij ESR 2010 en verder uitgewerkt in het Eurostat Manual on Government Deficit and Debt (Handboek overheidstekort en overheidsschuld van Eurostat), deel VI.4.

(9)

Om te bepalen of sprake is van overheidsbeheer, moet een reeks indicatoren in aanmerking worden genomen (nadere informatie over elk criterium wordt beschreven in ESR 2010, bijlage A, punt 20.309).

(10)

De verplichtingen van de eenheden die zijn betrokken bij financiële activiteiten omvatten de volgende categorieën van de NACE: 64) Financiële dienstverlening, exclusief de centrale bank 65) Verzekeringen 66) Ondersteunende activiteiten in verband met financiële diensten.

(11)

De bbp-cijfers die tijdens de kennisgeving in het kader van de buitensporigtekortprocedure van oktober 2017 zijn verstrekt, worden gebruikt voor de berekening van de indicatoren.

(12)

http://ec.europa.eu/eurostat/web/government-finance-statistics/data/database

(13)

http://ec.europa.eu/eurostat/cache/metadata/en/gov_cl_esms.htm en https://ec.europa.eu/eurostat/documents/1015035/6611302/Contingent-Liabilities-Footnotes.pdf

(14)

https://ec.europa.eu/eurostat/documents/2995521/8624398/2-29012018-AP-EN.pdf/ee504046-6ccc-4b79-8dfb-7a5e1d38328f

(15)

http://ec.europa.eu/eurostat/web/government-finance-statistics/excessive-deficit-procedure/edp-notification-tables

(16)

Er wordt een "aanvullende tabel" verzameld uit hoofde van het Eurostat-besluit van 15 juli 2009 over de statistische verwerking van overheidsinterventies ter ondersteuning van financiële instellingen en financiële markten tijdens de financiële crisis. Zie voor meer informatie de "Aanvullende tabel betreffende overheidsinterventies ter ondersteuning van de financiële instellingen van Eurostat: Achtergrondnota (April 2018)" https://ec.europa.eu/eurostat/documents/1015035/8441002/Background-note-on-gov-interventions-Apr-2018.pdf/54c5e531-688b-427b-80a1-46e471f3a54b

(17)

http://ec.europa.eu/eurostat/web/government-finance-statistics/excessive-deficit/supplemtary-tables-financial-crisis

(18)

Zie http://ec.europa.eu/eurostat/data/database – collection gov_dd_sgd.