Home

Mandaatregeling beheer bureau NRGD

Geldig van 1 januari 2010 tot 1 januari 2020
Geldig van 1 januari 2010 tot 1 januari 2020

Mandaatregeling beheer bureau NRGD

Opschrift

[Tekst geldig vanaf 01-01-2018 tot 01-01-2020]

Aanhef

Artikel 1

In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  1. het College: het College gerechtelijk deskundigen, bedoeld in artikel 3 van het Besluit register deskundige in strafzaken;

  2. het bureau: het bureau ter ondersteuning van het College;

  3. mandaat: de bevoegdheid om in naam van de Minister van Justitie besluiten te nemen;

  4. volmacht: de bevoegdheid om in naam van de Minister van Justitie privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten;

  5. machtiging: de bevoegdheid om in naam van de Minister van Justitie handelingen te verrichten die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.

Artikel 2

1.

Aan de voorzitter van het College wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend ten aanzien van de aangelegenheden die het beheer van het bureau betreffen.

2.

De voorzitter wordt toegestaan het mandaat, de volmacht en de machtiging door te geven aan de secretaris van het College.

Artikel 3

1.

De voorzitter van het College wordt aangewezen als hoofd van dienst in de zin van artikel 4, eerste lid, onderdeel b, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement ten aanzien van de secretaris van het College alsmede de bij het bureau werkzame ambtenaren. De voorzitter wordt toegestaan namens hem de secretaris als hoofd van dienst aan te wijzen ten aanzien van de bij het bureau werkzame ambtenaren.

2.

Aan de Minister van Justitie blijft voorbehouden de bevoegdheid om beslissingen te nemen met rechtspositionele gevolgen ten aanzien van de ambtenaren van het bureau, bezoldigd in salarisschaal 14 of hoger.

Artikel 5

Artikel 6