Home

Regeling tegemoetkoming niet-loondienstgerelateerde slachtoffers van mesothelioom en asbestose

Geldig vanaf 1 januari 2020
Geldig vanaf 1 januari 2020

Regeling tegemoetkoming niet-loondienstgerelateerde slachtoffers van mesothelioom en asbestose

Opschrift

[Tekst geldig vanaf 01-01-2020]

Aanhef

De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

Gelet op de tweede suppletore begrotingswet van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer voor het jaar 2007 en op artikel 31, tweede lid, onderdeel l, van de Wet werk en bijstand;

Besluit:

§ 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

1.

In deze regeling wordt verstaan onder:

  1. Minister: Minister van Infrastructuur en Milieu;

  2. asbest: stoffen die een of meer van de volgende vezelachtige silicaten bevatten:

    1. 1°.

      actinoliet (Cas-nummer 77536-66-4);

    2. 2°.

      amosiet (Cas-nummer 12172-73-5);

    3. 3°.

      anthofylliet (Cas-nummer 77536-67-5);

    4. 4°.

      chrysotiel (Cas-nummer 12001-29-5);

    5. 5°.

      tremoliet (Cas-nummer 77536-68-6);

    6. 6°.

      crocidoliet (Cas-nummer 12001-28-4);

  3. maligne mesothelioom: door blootstelling aan asbest veroorzaakte tumor van het longvlies, het buikvlies of het hartvlies, als bedoeld in het protocol diagnostiek maligne mesothelioom;

  4. asbestose: aandoening die is gekenmerkt door verbindweefseling (longfibrose) van de long ten gevolge van asbestblootstelling;

  5. protocol diagnostiek asbestose: protocol diagnostiek asbestose, opgenomen in bijlage 1 bij de Regeling tegemoetkoming asbestslachtoffers 2014;

  6. protocol diagnostiek maligne mesothelioom: protocol diagnostiek maligne mesothelioom, opgenomen in bijlage 2 bij de Regeling tegemoetkoming asbestslachtoffers 2014;

  7. SVB: Sociale Verzekeringsbank, bedoeld in hoofdstuk 6 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;

  8. instituut asbestslachtoffers: Stichting Instituut Asbestslachtoffers te s-Gravenhage;

  9. nabestaanden:

    1. 1°.

      de langstlevende van de echtgenoten;

    2. 2°.

      bij ontstentenis van de onder 1° bedoelde persoon, de minderjarige kinderen, tot wie de overledene in familierechtelijke betrekking stond;

    3. 3°.

      bij ontstentenis van de onder 1° en 2° bedoelde personen, degenen met wie de overledene in gezinsverband leefde;

    4. 4°.

      bij ontstentenis van de onder 1°, 2° en 3° bedoelde personen, erfgenamen als bedoeld in Boek 4 van het Burgerlijk Wetboek, mits een verklaring van erfrecht wordt overgelegd;

  10. lasten:

    1. 1°.

      tegemoetkoming, bedoeld in artikel 4, eerste lid;

    2. 2°.

      vergoedingen die door de SVB aan het instituut asbestslachtoffers worden verstrekt voor de advisering ten behoeve van deze regeling;

    3. 3°.

      uitvoeringskosten gemaakt bij de uitvoering van deze regeling.

2.

In deze regeling wordt met de echtgenoot gelijkgesteld de geregistreerde partner en de persoon die op grond van artikel 1, derde lid, onderdeel a, en vierde tot en met zevende lid, van de Algemene Ouderdomswet en de daarop berustende bepalingen mede als zodanig wordt aangemerkt.

3.

In deze regeling wordt niet als echtgenoot aangemerkt degene die duurzaam gescheiden leeft van de persoon met wie hij gehuwd is.

§ 2. Het recht op en de hoogte van een tegemoetkoming

Artikel 2

Artikel 2a

Artikel 3

Artikel 4

Artikel 4a

§ 3. De aanvraag en informatieverplichtingen

Artikel 5

Artikel 6

§ 4. Betaling en terugvordering

Artikel 7

Artikel 8

§ 5. Uitvoering en financiering

Artikel 9

Artikel 10

Artikel 11

Artikel 12

Artikel 13

Artikel 14

Artikel 15

§ 6. Wijzigingen regelgeving

Artikel 16

Artikel 17

§ 7. Slotbepalingen

Artikel 18

Artikel 19