Home

Ontgrondingenwet

Geldig van 26 juli 1995 tot 1 januari 1997
Geldig van 26 juli 1995 tot 1 januari 1997

Ontgrondingenwet

Opschrift

[Tekst geldig vanaf 26-07-1995 tot 01-01-1997]
[Regeling ingetrokken per 12-02-2020]

Aanhef

Wij JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het noodzakelijk is wettelijke regelen te stellen teneinde een doelmatige afweging van de verschillende bij ontgrondingen betrokken belangen te verzekeren;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Hoofdstuk I. Algemene bepalingen

Artikel 1

Onder de zee worden in deze wet, met inachtneming van de grenslijnen, bedoeld in artikel 2 van de Rivierenwet, verstaan de Noordzee en de Waddenzee.

Artikel 2

Een ontgronding wordt geacht in de zee plaats te hebben, indien zij plaats heeft daar, waar de bodem bij gewone vloed of gewoon zomerpeil door het water van de zee wordt bedekt.

Artikel 3

Artikel 4

Artikel 5

Artikel 6

Artikel 7

Hoofdstuk II. Vergunningen

Artikel 8

Artikel 9 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 10

Artikel 11 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 12

Artikel 13 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 14 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 15 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 16

Hoofdstuk III. Beroep

Artikel 17

Artikel 18

Artikel 19 [Vervallen per 01-01-1994]

Artikel 20

Artikel 21 [Vervallen per 01-01-1994]

Hoofdstuk IV. Politie- en strafbepalingen

Artikel 22

Artikel 23 [Vervallen per 01-04-1994]

Artikel 24 [Vervallen per 01-09-1976]

Artikel 25

Hoofdstuk V. Schadevergoeding

Artikel 26

Artikel 27

Artikel 28

Artikel 29

Hoofdstuk VI. Overgangsbepalingen

Artikel 30

Artikel 31

Artikel 31a

Artikel 31b

Artikel 31c

Hoofdstuk VII. Slotbepalingen

Artikel 32

Artikel 33

Artikel 34

Artikel 35

Artikel 36