Home

Wet installaties Noordzee

Geldig vanaf 1 januari 2002
Geldig vanaf 1 januari 2002

Wet installaties Noordzee

Opschrift

[Tekst geldig vanaf 01-01-2002]

Aanhef

Wij JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is ter bescherming van rechtsbelangen voorzieningen te treffen ten aanzien van installaties op de bodem van het deel van de Noordzee waarvan de grenzen samenvallen met die van het aan Nederland toekomende gedeelte van het continentale plat, een en ander zolang geen internationale regeling ter zake is tot stand gekomen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel 1

In deze wet worden onder installaties ter zee verstaan: installaties opgericht buiten de territoriale wateren op de bodem van het deel van de Noordzee waarvan de grenzen samenvallen met die van het aan Nederland toekomende gedeelte van het continentale plat.

Artikel 2

De Nederlandse strafwet is toepasselijk op ieder die zich op of met betrekking tot een installatie ter zee aan enig strafbaar feit schuldig maakt.

Artikel 3

Op en met betrekking tot installaties ter zee gelden de daartoe bij algemene maatregel van bestuur aangewezen Nederlandse wettelijke voorschriften.

Artikel 4

Artikel 5

Artikel 6

Artikel 7 [Vervallen per 06-12-2000]

Artikel 8

Artikel 9

Artikel 10